NL | FR | EN
Contact | Nieuws | Nieuwsbrief | Geavanceerd zoeken     .be
Naar Startpagina
Zoeken

Maatregelen in verband met het gezondheidstoezicht op de werknemers

Het koninklijk besluit van 28 mei 2003 betreffende het gezondheidstoezicht op de werknemers werd in het Belgisch Staatsblad gepubliceerd op 16 juni 2003.

Dit besluit hevelt het merendeel van de bepalingen van het ARAB betreffende de gezondheid van de werknemers over naar de Codex over het welzijn op het werk, door ze te actualiseren.

Nieuwe begrippen

Functie met verhoogde waakzaamheid: dit is een functie die bestaat uit een permanent toezicht op de werking van een installatie waarbij een gebrek aan waakzaamheid de veiligheid en de gezondheid van andere werknemers in gevaar zou kunnen brengen (voorbeeld : een door een computer bestuurde complexe technische installatie)

Functie met welbepaald risico: dit zijn functies die onder één enkele term samengebracht zijn maar gebonden zijn aan drie verschillende soorten risico's: hetzij een risico te wijten aan de blootstelling aan fysische, chemische of biologische agentia, hetzij een risico verbonden aan de blootstelling aan een belasting van ergonomische aard (werken met een beeldscherm en hanteren van lasten), of aan een belasting verbonden aan de zwaarte van het werk of aan monotoon en tempogebonden werk en die een fysieke maar ook een mentale belasting met zich meebrengen (zoals sommige activiteiten die spanningen veroorzaken of die de risico's die met deze activiteiten gepaard gaan vergroten omdat ze 's nachts uitgevoerd worden, bijvoorbeeld de bewaking, de monotone en afgezonderde activiteiten, de taken van het verzorgingspersoneel), of ook nog een, a posteriori, identificeerbaar risico voor psychosociale belasting (zoals pesterijen of stress)

Preventieve handelingen: zij worden toegepast door de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer met als doel het gezondheidstoezicht uit te voeren en omvatten de preventieve medische onderzoeken, het samenstellen van een gezondheidsdossier, de inentingen en de uberculinetests.

Doelstellingen

De doelstellingen die door de uitvoering van het gezondheidstoezicht nagestreefd worden zijn nu vastgelegd: het gaat erom de  risico's te voorkomen door preventiepraktijken te verwezenlijken  om de mogelijkheden van werkgelegenheid voor elke werknemer te bevorderen, rekening houdend met de specificiteit en de gezondheidstoestand van elke werknemer.

Er is uitdrukkelijk gesteld dat de beslissing van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer, die rekening houdt met de uitgevoerde functie of activiteit, moet steunen op de geschiktheid of ongeschiktheid van de werknemer om zijn werk uit te voeren, op het ogenblik dat het onderzoek plaatsvindt (art. 3).

Verplichtingen van de werkgever

  • De aanpak met het oog op het bepalen van de werknemerscategorieën die aan het gezondheidstoezicht onderworpen zijn verschilt totaal van de vroegere benadering van het ARAB. Het zijn de resultaten van de risicoanalyse uitgevoerd onder de verantwoordelijkheid van de werkgever, die toelaten te beslissen of het gezondheidstoezicht al dan niet nodig is. Maar de werkgever beslist niet alleen: de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer neemt deel aan de risicoanalyse, het Comité PBW geeft zijn voorafgaand advies, en in geval van betwisting hakt de geneesheer-inspecteur de knoop door (art. 4).

  • De permanente beoordeling en aanpassing van de risicoanalyse bieden de werkgever de mogelijkheid om de lijsten, waarvan de inhoud vastgelegd is, bij te houden (art. 6). De datum van de laatste verplichte gezondheidsbeoordeling moet op de naamlijsten vermeld worden (art. 6, § 2, 4).
    De werkgever mag geen enkele wijziging aan de lijsten aanbrengen alvorens het akkoord van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer en van het Comité PBW bekomen te hebben (art. 7, § 2).
    De termijn voor het bewaren van de lijsten is vastgelegd (art. 9).

  • De werkgever is verplicht de werknemers vooraf op de hoogte te brengen van de inhoud van het gezondheidstoezicht (art. 10).

  • Er wordt aan herinnerd dat de werknemers niet aan het werk mogen gesteld of gehouden worden als zij weigeren zich te onderwerpen aan de verplichte onderzoeken of inentingen. De weigering zou kunnen leiden tot de verbreking van het arbeidscontract wegens overmacht (art. 13).

  • Zowel tijdens de periode van werving en selectie als tijdens de periode van de tewerkstelling mag de werkgever geen andere tests of medische onderzoeken laten uitvoeren (voorbeelden : selectietests bij aanwerving gesteund op andere beschouwingen dan de geschiktheid voor een welbepaalde functie of nog, gratis voorgestelde check-ups) dan deze voorzien in het besluit, en er wordt aan herinnerd dat de beslissing van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer voornamelijk in essentie betrekking heeft op de geschiktheid of ongeschiktheid van de kandidaat voor een welbepaalde werkpost of activiteit, op het ogenblik van het medisch onderzoek (art. 14).

De preventieve handelingen en de verplichtingen van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer

  • De preventieve handelingen en de medische onderzoeken, die door de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer uitgevoerd moeten worden zijn vastgelegd en gedetailleerd (art. 15 tot 43).

  • De geneeskundige verstrekkingen mogen uitgevoerd worden door de interne of externe diensten krachtens andere wetten en besluiten, doch enkel voor de werknemers van de ondernemingen die bij hen aangesloten zijn, zoals bijvoorbeeld de medische onderzoeken, voorzien door de reglementering in verband met het rijbewijs (art. 15, § 1, 2de lid).

  • De medische onderzoeken en de inentingen worden persoonlijk uitgevoerd door dezelfde preventieadviseur-arbeidsgeneesheer als deze die meegewerkt heeft aan de risicoanalyse in de onderneming (art. 18).

De verschillende vormen van gezondheidsbeoordeling

  • Nieuw in de voorafgaande gezondheidsbeoordeling: de ogenblikken waarop deze beoordeling moet plaatsvinden, alsook de ogenblikken waarop de beslissing betreffende de geschiktheid moet genomen en meegedeeld worden, wordt vastgelegd, namelijk in elk geval vóór de effectieve tewerkstelling. Er wordt nu met de kandidaten voor een betrekking rekening gehouden en zij worden beter beschermd, in de zin dat zij aangeworven moeten worden als zij geschikt verklaard zijn door een voorafgaande gezondheidsbeoordeling die de laatste stap is in de wervingsprocedure.

    Hierna volgen de bepalingen: de gezondheidsbeoordeling en de mededeling van de beslissing mogen plaatshebben tijdens de periode van het proefbeding, maar mogen evenwel de eerste maand van deze periode niet overschrijden, ofwel mogen zij gebeuren vooraleer de arbeidsovereenkomst gesloten voor zover deze arbeidsovereenkomst effectief tot stand komt als de kandidaat geschikt verklaard is (art. 27). De gerichte onderzoeken die de inhoud van deze beoordeling aanvullen zijn vastgelegd in de specifieke koninklijke besluiten, zoals bijvoorbeeld het koninklijk besluit van 04-08-1996 betreffende de biologische agentia (art. 28, § 2).

  • Nieuw in de periodieke gezondheidsbeoordeling:
    Alle werknemers die aan gezondheidstoezicht onderworpen zijn, met inbegrip van degenen die een activiteit met welbepaald risico uitoefenen zoals de blootstelling aan een belasting van ergonomische aard (met inbegrip van werknemers die met een beeldscherm werken, behalve als de risicoanalyse aantoont dat er geen risico's zijn), ondergaan alle handelingen vervat in de periodieke gezondheidsbeoordeling (art. 31).
    De rol van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer is beter omschreven: hij kan andere soorten meer aangepaste bijkomende handelingen kiezen na het Comité ingelicht te hebben (art. 32), hij kan ook de tussentijd van de periodieke gezondheidsbeoordeling verlengen als het bestaan van het risico onzeker is (art. 33, § 3). De rol van de geneesheer-inspecteur is verruimd: hij kan de tussentijd voor sommige werknemers wijzigen (art. 33, § 5).
    De collectieve en individuele preventiemaatregelen die door de werkgever genomen moeten worden in functie van de resultaten van die beoordeling worden duidelijk opgesomd en zijn bedoeld om de risico's te vermijden of te beperken. De individuele maatregelen worden voorgesteld op het formulier voor de gezondheidsbeoordeling en de collectieve maatregelen worden genomen volgens de opdrachten die de werkgever aan de externe dienst toevertrouwd heeft. Die maatregelen kunnen ook het gevolg zijn van de resultaten van andere medische onderzoeken (art. 34).

  • Nieuw in de spontane raadpleging: de werknemer heeft het recht te weigeren dat de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer een beslissing noteert op het formulier voor de gezondheidsbeoordeling, waardoor de raadpleging geen gevolg met zich meebrengt.

  • Het voortgezet gezondheidstoezicht is een nieuwe beoordeling van de gezondheid: het doel van dat toezicht is de werknemers de mogelijkheid te bieden, nadat zij aan chemische, fysische of biologische agentia blootgesteld werden, van een gezondheidstoezicht te genieten, zowel wanneer zij nog steeds in de onderneming tewerkgesteld zijn als wanneer zij de onderneming verlaten hebben. De werkgever is verantwoordelijk voor de organisatie van dat toezicht maar de geneesheer-arbeidsinspecteur kan beslissen om dat toezicht op te leggen (art. 38).

  • De gezondheidsbeoordeling van een definitief arbeidsongeschikte werknemer met het oog op zijn reïntegratie: deze nieuwe beoordeling biedt de werknemer een bijkomend recht en is dus geen verplichting. De werknemer die door zijn behandelend geneesheer definitief arbeidsongeschikt verklaard is, kan een procedure instellen die tot doel heeft hem een aangepast werk te verschaffen, onder voorbehoud van de beslissing van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer. De werkgever moet dus een voor de werknemer redelijke termijn vastleggen om te reageren (art. 39 tot 41).

  • Het besluit organiseert het gezondheidstoezicht in het algemeen. Er is dus voorzien dat sommige categorieën werknemers met welbepaalde risico's (vb. jongeren op het werk, uitzendkrachten,…) recht hebben op een specifiek gezondheidstoezicht, dat geregeld moet worden in bijzondere besluiten die op hen betrekking hebben. De werkgever kan niet weigeren een werknemer aan te werven, noch de werknemer ontslaan, enkel omdat het bijvoorbeeld gaat om een zwangere werkneemster (art. 44 tot 47).

De beslissing van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer na de  gezondheidsbeoordeling

  • Nieuw in het formulier voor de gezondheidsbeoordeling (bijlage II, eerste deel) dat overeenstemt met de vroegere kaart van medisch onderzoek: het document moet ingevuld worden in 3 exemplaren waarvan één exemplaar bestemd is voor het gezondheidsdossier van de werknemer (art. 48). De rubriek betreffende het onderzoek van een werkneemster tijdens de zwangerschap of de lactatie voorziet dat als de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer beslist dat de werkneemster met ziekteverlof moet gestuurd worden, dit voor een aandoening is die geen verband houdt met de zwangerschap, om te vermijden dat een beslissing tot verwijdering van de werkneemster genomen zou worden zonder dat er een verband bestaat met de risico's die zich eventueel voordoen wegens de activiteit van de werkneemster. Er is een nieuwe rubriek ingevoerd voor het medische onderzoek van een jongere werknemer vóór zijn allereerste tewerkstelling (koninklijk besluit van 03-05-1999 gewijzigd bij het koninklijk besluit van 03-05-2003). Er is een nieuwe rubriek ingevoerd voor een eventuele overlegprocedure. De geldigheidsduur van de geschiktheid moet op het formulier vermeld worden wanneer in een specifiek besluit, of door de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer of door de geneesheer-arbeidsinspecteur een andere frequentie van de periodieke gezondheidsbeoordeling vastgelegd wordt.

  • Elke beslissing van ongeschiktheid na een voorafgaande gezondheidsbeoordeling moet door de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer gerechtvaardigd worden waarbij de kandidaat of de werknemer kan vragen dat deze rechtvaardiging naar zijn behandelende arts gezonden wordt (art. 49). Deze bepaling is niet van toepassing op de beslissingen betreffende de andere medische onderzoeken die aanleiding kunnen geven tot een beroep.

  • De preventieadvisseur-arbeidsgeneesheer moet op het formulier aanduiden welke preventiemaatregelen genomen moeten worden wanneer hij oordeelt dat een werknemer zijn post kan behouden (art. 56).

  • De preventieadviseur-arbeidsgeneesheer moet de werknemer ook inlichten over zijn recht om een beroep te doen op de overleg- en beroepsprocedures (art. 58).

  • De overlegprocedure is voor haar verloop en voor de vastlegging van de termijnen formeler geworden dan vroeger (art. 59 tot 63).

  • De beroepsprocedure is ook formeler (art. 64 tot 69), en de rol van de geneesheer-arbeidsinspecteur is verruimd, voornamelijk op het moment dat hij zelf een beslissing mag nemen in geval van afwezigheid van één van de geneesheren tijdens de definitieve behandeling en in geval van onenigheid tussen de aanwezige artsen (art. 68, § 1).

  • De werkgever moet zijn verklaring dat hij geen ander werk kan aanbieden dat beantwoordt aan de aanbevelingen die door de preventieadviseur geformuleerd zijn op het formulier van de gezondheidsbeoordeling kunnen verantwoorden aan de geneesheer-arbeidsinspecteur (art. 70, § 1).

  • Zolang de beroepsprocedure niet tot een definitieve beslissing geleid heeft over de geschiktheid of ongeschiktheid van de werknemer, kan de werkgever geen overmacht inroepen om de werknemer te ontslaan door het feit dat de definitieve arbeidsongeschiktheid niet bewezen is (art. 70, § 3).

  • Voor een werknemer met een ernstige besmettelijke ziekte, is de rol van de preventieadviseur ruimer en biedt de mogelijkheid om de gezondheid van de andere werknemers te beschermen (art. 73).

Het gezondheidsdossier

  • De eerbiediging van het privé-leven is gewaarborgd (art. 79 en 92).

  • De verantwoordelijkheden betreffende het beheer van het gezondheidsdossier zijn duidelijk toegewezen: het opstellen en het bijhouden van het dossier van een werknemer behoren tot de bevoegdheid van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer en de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer die de afdeling of het departement belast met het medisch toezicht leidt is de beheerder van alle dossiers; het kwaliteitshandboek van de afdeling belast met medisch toezicht moet de procedureregels bevatten (art. 79, 80 en 84).

  • De inhoud is beter gestructureerd: 4 onderscheiden en gedetailleerde delen, waarvan het laatste betrekking heeft op de blootstellingsgegevens, die zowel kwalitatief als kwantitatief kunnen zijn en representatief zijn voor de blootstelling aan fysische of chemische agentia (art. 81, 82 en 83).

  • Het gezondheidsdossier mag geautomatiseerd worden, met naleving van de bepalingen van de wet van 08-12-1992 betreffende de bescherming van de persoonlijke levenssfeer (art. 92). De verantwoordelijke voor de verwerking van de gegevens is de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer die de afdeling of het departement van het medisch toezicht leidt (art. 93).

  • Er is geen model meer opgelegd voor het gezondheidsdossier : de vorm van het dossier is dus vrij.

Besluiten

Het meest innoverende principe is het volgende : de beslissing om een werknemer al dan niet aan het gezondheidstoezicht te onderwerpen is afhankelijk van de resultaten van de risicoanalyse waarvan de werkgever de verantwoordelijke is voor de uitvoering. Maar de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer neemt aan die analyse deel en zij moet voorgelegd worden aan het voorafgaand advies van het comité. De werkgever heeft dus geen soevereine beslissingsmacht.

De beoordeling en de aanpassing van de risicoanalyse, die deel uitmaakt van het globaal preventieplan, moeten permanent uitgevoerd worden, wat de mogelijkheid biedt ten gepaste tijde de preventiemaatregel, namelijk het gezondheidstoezicht, toe te passen, en hem aan te passen aan de betrokken werknemer. De permanente risicoanalyse biedt bijvoorbeeld de mogelijkheid om, a posteriori, een risico voor psychosociale belasting aan het licht te brengen, bij een werknemer die het slachtoffer geweest is van pesterijen. Die werknemer komt dus terecht in de categorie van werknemers die onderworpen zijn aan het gezondheidstoezicht voor een bepaalde periode door de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer die ook de meest geschikte maatregel zal bepalen voor het bijzonder geval.

Bijgevolg is het dus niet enkel het feit van blootgesteld te zijn aan dit of dat chemisch, fysisch of biologisch agens dat aanleiding geeft tot het gezondheidstoezicht. De psychische aspecten die aan het werk verbonden zijn en de invloed van de werkomgeving worden ook in aanmerking genomen bij de beslissing om de werknemer aan het gezondheidstoezicht te onderwerpen.

De rol van de verschillende interveniënten in het gezondheidstoezicht, alsook hun verplichtingen, zijn duidelijk gedefinieerd en zelfs verruimd.
Men stelt inderdaad vast dat elke rol verruimd werd, waarvan hierna enkele voorbeelden:

  • deze van preventieadviseur-arbeidsgeneesheer die de periodiciteit van de periodieke gezondheidsbeoordelingen kan wijzigen, en aan wie een reeks preventieve handelingen toegewezen werden,…
  • deze van het comité, dat een sleutelrol speelt in de risicoanalyse en in de samenstelling van de lijsten van onderworpen werknemers,…
  • deze van de werkgever, die de genomen maatregelen of maatregelen die onmogelijk genomen kunnen worden, moet rechtvaardigen, die niet meer om het even welke medische onderzoeken kan laten uitvoeren, …
  • deze van de geneesheer-arbeidsinspecteur van de medische inspectie, die bij conflicten tussen beide komt en een beslissing neemt, die in laatste instantie beslist de lijst van onderworpen werknemers al dan niet te wijzigen,…
  • en tenslotte van de werknemer, die het recht heeft ingelicht te worden over de inhoud van het gezondheidstoezicht en over alle procedures die daarmee gepaard gaan, die recht heeft op een bescherming van zijn gezondheid die heel wat ruimer is dan voorheen, vooral dankzij de geformaliseerde procedure van het gezondheidstoezicht die kan voortgezet worden tot heel wat jaren na een blootstelling aan bijvoorbeeld chemische agentia, en die, zelfs indien hij definitief ongeschikt bevonden is, nog steeds het recht heeft een procedure in te stellen om hem een beter aangepast werk te bezorgen.

De brochure "Het gezondheidstoezicht op de werknemers"

De brochure "Het gezondheidstoezicht op de werknemers" behandelt meer omstandig bepaalde aspecten:
de beslissing van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer, de overleg- en beroepsprocedures, de rechten en de verplichtingen van de werkgever en de werknemers, de vormen van gezondheidsbeoordeling, het gezondheidstoezicht voor bepaalde specifieke categorieën van werknemers.

Het bezoek voorafgaand aan de werkhervatting

Het koninklijk besluit van 4 juli 2004 vult het koninklijk besluit van 28 mei 2003 betreffende het gezondheidstoezicht op de werknemers aan met bepalingen die het nieuw begrip invoeren van het bezoek voorafgaand aan de werkhervatting.

Dit bezoek heeft tot doel de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer in staat te doen stellen om voor de eigenlijk werkhervatting van een al dan niet aan het gezondheidstoezicht onderworpen werknemer die gedurende tenminste 4 weken arbeidsongeschikt is, aan de werkgever in de mate van het mogelijke een aanpassing van de werkpost voor te stellen teneinde de belasting verbonden aan deze werkpost voor deze werknemer te verminderen. Vanaf de dag van de werkhervatting zal de werknemer zijn reeds aangepaste post dan ook gemakkelijker weer kunnen opnemen.
Het gaat om een bezoek, geen medisch onderzoek.

De werkgever is verplicht alle al dan niet aan het gezondheidstoezicht onderworpen werknemers, ook diegenen die niet langdurig arbeidsongeschikt zijn, voorafgaand te informeren over hun recht om voor dit bezoek in aanmerking te komen.
Zodra zich een arbeidsongeschiktheid van minstens 4 weken voordoet, verwittigt de werkgever de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer zodat deze reeds op de hoogte is vooraleer een eventuele vraag van de werknemer.

De volgende procedure is voorzien:

  • De werknemer die minstens 4 weken arbeidsongeschikt is, beslist zelf of hij wenst gebruik te maken van een bezoek voorafgaand aan de werkhervatting door een geschreven aanvraag aan de werkgever te richten.
  • De werknemer gaat akkoord dat de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer contact opneemt met zijn behandelende geneesheer en zijn medisch dossier raadpleegt.
  • Het bezoek voorafgaand aan de werkhervatting moet bij de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer plaatsvinden binnen de 8 dagen volgend op de ontvangst van de aanvraag. De werkgever moet dus binnen die termijn een afspraak hebben geregeld met de betrokken dienst voor preventie en bescherming op het werk.
  • Tijdens het bezoek bespreekt de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer met de werknemer zijn gezondheidstoestand en zijn werkpost. Het gaat dus niet om een medisch onderzoek.
  • De preventieadviseur-arbeidsgeneesheer gaat zo spoedig mogelijk de werkpost van de werknemer ter plaatse onderzoeken met het oog op het vinden van de mogelijke oplossingen tot aanpassing en legt vervolgens zijn aanbevelingen aan de werkgever voor door de daartoe voorziene rubriek F van het formulier voor de gezondheidsbeoordeling in te vullen. In dit stadium gaat het dus niet om een beslissing tot al of niet arbeidsgeschiktheid.
  • De werkgever betaalt de verplaatsingskosten van de werknemer voor dit bezoek.

Aangifte van beroepsziekten

De preventieadviseur-arbeidsgeneesheer die een beroepsziekte vaststelt of ervan op de hoogte wordt gesteld door een andere arts, doet hiervan aangifte bij de geneesheer-arbeidsinspecteur van de Algemene Directie Toezicht op het Welzijn van het werk en bij de geneesheer-adviseur van het Fonds voor Beroepsziekten. Deze aangifte gebeurt aan de hand van een formulier dat dient overeen te stemmen met het model in bijlage IV van het koninklijk besluit van 28 mei 2003.

Dit formulier is electronisch beschikbaar in de module 'Procedures en formulieren':

Meer info

Adviezen van de Hoge Raad voor preventie en bescherming op het werk

Bijkomende inlichtingen

Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg - Gebruiksvoorwaarden - Privacy - Sitemap

AnySurfer, Belgisch kwaliteitslabel voor toegankelijke websites